Wat doet thuisverpleging voor jou?

Eenvoudige wondverzorging

Na een (kleine) ingreep komt de thuisverpleegkundige graag langs om de haakjes en/of draadjes te verwijderen. De verpleegkundige verzorgt ook andere eenvoudige wonden op voorschrift van de arts. In overleg met de arts wordt de wonde geëvalueerd en de behandeling indien nodig aangepast.

Wonde na operatie

Na een chirurgische ingreep kan je vaak snel naar huis, maar wat met de wonde die na de ingreep nog niet genezen is? In overleg met de arts zal de thuisverpleegkundige een aangepaste verzorging bepalen. In bepaalde gevallen is er gespecialiseerde zorg nodig. I-mens biedt in alle situaties referentieverpleegkundigen aan.

Onze verpleegkundigen nemen de wondverzorging en de daarmee gepaard gaande verbandwissel op zich. Ook het aanbrengen van (geneeskrachtige) zalf, het verwijderen van nietjes en hechtingen na een (kleine) ingreep of het vervangen en/of verwijderen van een redon vormen geen probleem. Ook voor complexere wondzorgen zoals het verzorgen van een externe fixatie van een breuk of het verzorgen van een wonde na amputatie kan je toevertrouwen aan onze verpleegkundigen.

Doorligwonden

Een doorligwonde, ook decubitus genoemd, is het afsterven van weefsel door schuif-, wrijf- of drukkracht of de combinatie ervan op het weefsel. Daarnaast zorgt een verminderde mobiliteit, slechte doorbloeding, hoog gewicht, medicatiegebruik, een minder goede voedingstoestand, … voor het ontstaan van dergelijke wonden. De plaatsen waar men zo’n wonden ziet zijn hielen, stuit, ellebogen, achterhoofd en heupen.

De thuisverpleegkundige kan jou advies geven om doorligwonden te voorkomen via bijvoorbeeld gezonde voeding, aangepaste hulpmiddelen, wisselhouding, ... Verder staat de thuisverpleegkundige ook in voor de verzorging van deze wonden. Samen met de arts wordt de meest geschikte methode voor u geselecteerd.

Brandwonden

Een brandwonde kan ontstaan nadat de huid in contact kwam met hitte gedurende een bepaalde tijd en boven een bepaalde kritische temperatuur, maar ook omdat de huid in contact kwam met hete gassen, vloeistoffen of andere materialen. Een juiste verzorging van brandwonden is essentieel voor een goede wondheling.

Samen met jouw specialist en/of huisarts zal jouw thuisverpleegkundige de aangepaste verzorging uitvoeren met het juiste materiaal. Verder geeft de verpleegkundige jou de nodige tips en adviezen, ook inzake pijnbestrijding.

Oncologische wonden

Na de behandeling van een tumor via chirurgie, radiotherapie en/of chemo, kan er een oncologische wonde ontstaan. De genezing van een oncologische wonde is uniek en verschillend van andere wonden.

Jouw verpleegkundige zal in samenspraak met de oncoloog en/of huisarts de gepaste verzorging selecteren. In bepaalde gevallen is er gespecialiseerde zorg nodig in het wondhelingproces. I-mens biedt in die situaties referentieverpleegkundigen aan. Daarnaast neemt de verpleegkundige ook de tijd om te luisteren naar jouw verhaal en jou (en je familie en mantelzorger) te ondersteunen en te begeleiden tijdens je ziekte.

Diabetische voetwonde

Personen met diabetes hebben een verminderde doorbloeding in de voeten en hierdoor een verhoogde kans op aandoeningen. Er is een groter risico op infecties en scheefgroei en -stand van de voet. Er wordt minder pijn gevoeld en kleine wondjes vallen minder snel op. De wondgenezing verloopt moeilijker door de verminderde bloedtoevoer.

De verpleegkundige heeft aandacht voor preventie van de voetzorg en zal de nodige observaties doen tijdens de dagelijkse verzorging. Indien nodig zal jouw verpleegkundige ook instaan voor de wondzorg. In bepaalde gevallen is er gespecialiseerde zorg nodig. I-mens biedt in die situaties referentieverpleegkundigen aan.

Heb je andere diabetesverzorging of -begeleiding nodig? Vind hier meer info over ons aanbod.

Veneuze ulcera

Zo’n wonde ontstaat door een verstoorde terugvloei van het bloed van de onderste ledematen naar het hart. Oorzaken hiervan kunnen slecht werkende kleppen en/of verminderde spierwerking zijn of een trombose.

De verpleegkundige kan helpen bij de preventie en wordt dan door specialist/huisarts gevraagd om compressietherapie (zwachtels/kousen) toe te passen. Soms is er al schade en is er een wonde ontstaan. Dit wordt een veneuze ulcus genoemd. Ook in deze situaties kan het heel belangrijk zijn dat de compressietherapie wordt verder gezet om een betere wondheling te verkrijgen. Dit wordt steeds door de behandelende arts bepaald.

De wondheling bij deze problematiek is specifiek en complex. In overleg met specialist/huisarts wordt er een wondbehandeling opgemaakt en indien nodig bijgestuurd.

Negatieve druktherapie

Negatieve druktherapie, of ook vacuümtherapie (VAC) genoemd, is een actieve wondbehandelingstechniek die een gecontroleerde negatieve druk uitoefent op de wonde. Er wordt hierbij gebruik gemaakt van een schuimverband. Via een katheter wordt het verband verbonden met de vacuümbron (=pomp), die de zuigkracht uitoefent. VAC-therapie wordt, op voorschrift van de behandelde arts, aangewend bij complexe wonden die moeilijk genezen.

Jouw thuisverpleegkundige observeert de wonde en volgt ze op in overleg met de behandelende arts. Daarnaast staat hij/zij ook in voor de verbandwissel.

Wonden met een externe fixator of stift

Na een complexe botbreuk is het soms nodig dat men operatief een stalen frame buiten het lichaam aanbrengt. Deze pinnen in het bot fixeren de gebroken botstukken gedurende lange tijd. De belangrijkste complicatie bij een externe fixator is infectie rond de pinnen. De huid kan rood zien en er kan vocht uit de insteekplaatsen sijpelen. Daarnaast zal dit lichaamsdeel warm aanvoelen en pijnlijk zijn voor de patiënt. Preventie is hier van cruciaal belang.

Wonden met een drain met of zonder aspiratie

Na een ingreep kan een chirurg beslissen om een drain te plaatsen om een snellere wondheling te bevorderen. Vaak wordt de verpleegkundige gevraagd om toezicht te houden, bokaal te wisselen en/of drain te verwijderen.

Wonden met wiek en/of irrigatie

Soms mag een wonde niet te snel sluiten. Dan wordt dit door middel vaneen wiek vermeden en wordt een opgroei van uit de diepte gestimuleerd.In deze situatie wordt de verpleegkundige gevraagd om een wiek teplaatsen/te verwijderen.