Veelgestelde vragen

Onze kinderdagverblijven en onthaalouders blijven kinderen opvangen. i-mens volgt de richtlijnen vanuit de overheid.

Wat zijn de minimale voorwaarden om breng- en ophaalmomenten veilig te laten verlopen?

  • Tijdens het breng- en haalmoment respecteer je de veilige afstand en beperk je het aantal sociale contacten.
  • Je draagt verplicht een mondmasker als je jouw kind komen brengen en ophalen, hoe kort het contact ook is.
  • Je reinigt je handen net voor- en na het breng- en haalmoment. Ofwel handen wassen of met een alcoholgel reinigen.
  • Je komt bij voorkeur alleen je kind halen. Andere gezinsleden wachten buiten de opvang.
  • Zoveel mogelijk dezelfde persoon brengt en haalt het kind.
  • Het aantal ouders in de opvang wordt beperkt. Bij spitsmomenten moet je wachten volgens de instructies van de opvang.
  • Zieke kinderen blijven thuis, zij horen niet thuis in de opvang.

Ouders mogen hun kinderen komen brengen en ophalen in onze kinderdagverblijven en bij onze onthaalouders.

Wat zijn de minimale voorwaarden om breng- en haalmomenten veilig te laten verlopen?

  • Je komt bij voorkeur alleen je kind halen. Andere gezinsleden wachten buiten de opvang.
  • Zoveel mogelijk dezelfde persoon brengt en haalt het kind.
  • Het aantal ouders in de opvang wordt beperkt. Bij spitsmomenten moet je wachten volgens de instructies van de opvang.
  • (Langere) gesprekken kunnen plaatsvinden met gebruik van mondmasker. De voorkeur blijft om contacten zoveel mogelijk buiten te hebben.
  • Ouders kunnen opnieuw in de leefgroep komen.
  • Tijdens het breng- en haalmoment respecteer je de veilige afstand en beperk je het aantal sociale contacten.
  • Je draagt verplicht een mondmasker als je jouw kind komen brengen en ophalen, hoe kort het contact ook is.
  • Je reinigt je handen net voor- en na het breng- en haalmoment. Ofwel handen wassen of met een alcoholgel reinigen.
  • Zieke kinderen blijven thuis, zij horen niet thuis in de opvang.


Externen (poetshulp, leverancier, klusjesman) zijn terug welkom in de leefgroep. Ze dragen een mondmasker bij het betreden van de leefgroep en houden afstand van de kinderen en begeleiders.

Ja, sinds juni 2021 schakelde de kinderopvang over op een selectieve compensatieregeling. Dit betekent dat opnieuw het opvangplan gevolgd wordt. Als een kind niet naar de opvang komt, zullen er respijtdagen in mindering worden gebracht.

Social distancing of sociale afstand is het bewaren van een veilige afstand van minstens 1,5 meter tussen personen. Volwassenen en jongeren vanaf twaalf jaar moeten dit onderling toepassen.

Voor de kinderen

  • Social distancing tussen kinderen is niet nodig.
  • Kinderen tot en met het 4de leerjaar moeten geen mondmasker dragen.
  • Kinderen uit het 5de en 6de leerjaar dragen een mondmasker. Binnen altijd, buiten als de veilige afstand niet gerespecteerd kan worden.

Voor de ouders

  • Tijdens het breng- en haalmoment respecteer je de veilige afstand en beperk je het aantal sociale contacten.
  • Je draagt verplicht een mondmasker als je jouw kind komen brengen en ophalen, hoe kort het contact ook is.
  • Je reinigt je handen net voor- en na het breng- en haalmoment. Ofwel handen wassen of met een alcoholgel reinigen.
  • Je komt je kind alleen halen. Andere gezinsleden wachten buiten de opvang.
  • Zoveel mogelijk dezelfde persoon brengt en haalt het kind.
  • Het aantal ouders in de opvang wordt beperkt. Bij spitsmomenten moet je wachten volgens de instructies van de opvang.

Voor de kinderbegeleiders

  • Bij kinderen van 0 tot 3 jaar: kinderbegeleiders dragen altijd een mondmasker tijdens de breng- en haalmomenten, en als ze in contact komen met de ouders en andere volwassenen.
  • Bij kinderen van 3 tot 12 jaar: kinderbegeleiders dragen een mondmasker.

Neen, zieke kinderen mogen niet naar de opvang komen. Ouders moeten in dat geval zelf een oplossing zoeken. We verwijzen hierbij naar het overzicht van Kind en Gezin over wanneer een kind naar de opvang kan komen of beter thuis blijft.

Je kind kan niet naar de opvang komen als

  • het kind te ziek is om deel te nemen aan de normale activiteiten in de opvang.
  • het kind te veel zorg vraagt zodat je onvoldoende aandacht aan de andere kinderen kan geven.
  • het kind één of meerdere van de symptomen heeft uit de lijst 'Niet toegelaten in de opvang' (zie hieronder)

Toegelaten in de kinderopvang:

  • snotneusje
  • lichte hoest
  • lichte verkoudheid: neusloop en hoestje zonder koorts
  • gekende chronische hoest (bij hyperactieve luchtwegen)
  • chronisch lossere stoelgang of éénmalig waterige stoelgang
  • gulpje teruggeven, braken als gevolg van gekende reflux

Niet toegelaten in de kinderopvang:

  • (rectaal gemeten) koorts (>38°C)
  • plots optredende hoest en/of ademhalingsproblemen
  • plotse verandering van stoelgangspatroon met 2 of meer waterige stoelgangen per dag
  • braken met bloed of herhaaldelijk braken (geen reflux)
  • plotse huiduitslag of blaasjes

Je kind kan opnieuw naar de opvang komen als het geen symptomen uit het lijstje 'Niet toegelaten in de kinderopvang' meer heeft en als het minstens 24 uur geen koorts (>38°C) maakt.

Zolang uw kind zelf geen symptomen vertoont van het COVID-19 virus, kan het naar de opvang komen.

Wie ziek is, blijft thuis. Iedereen met een acute luchtweginfectie kan mogelijk besmet zijn met COVID-19. Neem contact op met uw huisarts.

Kinderen mogen extra dagen komen als de bezetting het toelaat.