Gedeelde zorg, samen sterk
Guido is 89 en leeft al 4 jaar met dementie. Wat begon met kleine veranderingen, groeide uit tot een zorgsituatie waarin geen dag nog vanzelfsprekend is. Zijn vrouw Monique zorgt voor hem. Dag én nacht. 3 keer per dag krijgen ze hulp van een thuisverpleegkundige van i-mens. “Ze zorgen voor Guido, maar ook een beetje voor mij”, vertelt Monique. Door de volgehouden mantelzorg en de ondersteuning van de thuisverpleegkundigen, met wie ze nu een sterke band heeft, woont haar man nog steeds thuis.
Warm welkom
We stappen een gezellig huis binnen in Sint-Niklaas. Er wachten ons koffie, koekjes en pralines. We voelen ons meteen welkom. In de zetel zit Guido. Hij is aanwezig op zijn manier. Zijn minder heldere momenten nemen de laatste tijd de bovenhand. Daarom praten we met zijn vrouw Monique, een kranige dame van 84 én mantelzorger. Monique en Guido deelden een leven dat gekenmerkt werd door hard werken, structuur en zelfstandigheid. Guido is een zachte man wiens karakter door de dementie wel wat veranderde. Maar zijn goedlachse kant heeft hij nog steeds en dat merkten we spontaan tijdens het gesprek.
Kantelmoment
“Eerst waren er lichamelijke klachten”, begint Monique. “ Vier jaar geleden, geraakte hij op een ochtend niet meer uit bed. Vermoedelijk door een lichte hersentrombose.” Er volgden een reeks ziekenhuisopnames. Een zware periode voor beiden. Monique toont een foto van Guido, bijna onherkenbaar. "De diagnose dementie kwam ter sprake. Ze wilden hem laten opnemen op de psychiatrische afdeling of overplaatsen naar een woonzorgcentrum. Dat liet ik niet gebeuren. Guido moest terug naar huis komen. Ik moest een formulier tekenen om dat op eigen risico te doen en zie hem hier nu zitten. Een immens verschil met toen. Hij kan het nergens beter hebben dan hier.”
Dementie nam het over
Naast geheugenproblemen waren er momenten van verwarring, onrust en weerstand tegen zorg. De eigen lichaamsverzorging ging moeilijker. Voor Monique was dat een kantelpunt. “Je denkt eerst: ‘Ik zal het wel doen, het is mijn man’. We waren het niet gewoon om andere mensen, buiten familie, bij ons binnen te laten. Maar Guido aanvaardde niet dat ik hem waste. Ik voelde de nood om zorg thuis binnen te laten. En dat bleek een noodzakelijke stap om de zorg vol te houden.” Zo kwam, vier jaar geleden, Katrien in beeld. Ze werkt al 30 jaar als thuisverpleegkundige bij i-mens. “Wij komen nu drie keer per dag langs. De zorg evolueerde mee met Guido zijn noden. Eerst ging het vooral om toiletzorg. Later kwamen er continentiezorg, medicatiebeheer en palliatieve zorg bij.” Tijdens de verzorging neemt Monique bewust even afstand. Het is een korte pauze om even op adem te komen, maar ze blijft dichtbij om te helpen waar nodig. “Dat vertrouwen maakt voor mij het verschil", vertelt Monique. Katrien en haar collega’s maken immers ook tijd om naar haar te luisteren. Eens ventileren kan deugd doen. “Maar ook niet te veel, want dan wordt Guido ambetant”, lacht Monique.
Als een persoon met dementie zich gehoord voelt, verloopt de zorg veel rustiger
Samen zorgen
Zorgen voor mensen met dementie vergt een bijzondere aanpak weet Katrien. “Wat zij ervaren, is voor hen dé waarheid”, legt ze uit. “Guido vertelt vaak dezelfde verhalen, meestal over vroeger. Over zijn werk en dingen die hij meemaakte.” Katrien luistert, stelt vragen en bevestigt. “Als iemand zich gehoord voelt, verloopt de zorg veel rustiger”, vertelt ze. “Ik benoem ook elke handeling. Ik kondig aan wat ik ga doen. Voor ons is het vanzelfsprekend om ons been door een broekspijp te steken. Bij personen met dementie zal ik vragen om het been op te heffen en in de broek te steken. Zo creëer je veiligheid.” De zorg voor Guido gebeurt in nauwe samenwerking. Naast Monique en het vaste team van thuisverpleegkundigen zijn ook de huisarts, de kinesist en het palliatief team betrokken. Guido heeft een palliatief statuut, wat extra ondersteuning en opvolging mogelijk maakt. “Onze palliatief themaverpleegkundigen komen tweewekelijks langs bij Guido. Zij bekijken wat ze kunnen betekenen voor Guido én Monique. Ze delen hun observaties met ons en we bespreken alles op ons patiëntenoverleg. Die communicatie is belangrijk en noodzakelijk. We komen hier immers met een diverse groep van zorgverleners over de vloer.”
Een warme band
Wat voor Monique het grootste verschil maakt in de thuisverpleging? Daar moet ze geen seconde over nadenken: “De vriendelijkheid,” zegt ze zonder aarzelen, “die voel je meteen. Een glimlach, geduld, tijd om even te praten. Je voelt het als iemand hier graag is en dat doet deugd.” Ook Katrien voelt dit zo aan: “Toen ik hier binnenkwam, had ik direct een goeie vibe met Monique. Je voelt hoe dankbaar ze is. Dat was zo de eerste keer. En dat is nog altijd zo. Zorg geven is mijn job. De dankbaarheid, het vertrouwen en de vriendschap die ik ervoor terugkrijg, die zijn onbetaalbaar.”
Zorg en advies
Katrien merkte van in het begin dat Monique een zware zorgtaak op zich nam. Ze maakte haar dus meteen duidelijk dat ze altijd bij haar terechtkan om haar hart te luchten. Katrien: “De medicatie van Guido nam een grote hap uit het budget. Daarnaast waren er ook de ziekenhuis- en doktersbezoeken. Ik heb de huisarts dus gevraagd of Guido in aanmerking kwam voor een palliatief statuut. Zo konden Monique en Guido aanspraak maken op enkele premies en extra tegemoetkomingen voor medicatie. Ik pik het altijd snel op om zo een aanvraag in te dienen, want sommige huisartsen zitten nog vast aan het idee dat enkel mensen met kanker palliatief kunnen zijn. Het maakt me gelukkig als ik mijn patiënten ook op die manier kan helpen, los van de fysieke zorgen.” “Ik kende dat statuut niet. Het is volledig te danken aan Katrien dat we hier nu gebruik van kunnen maken”, vult Monique aan.
Mantelzorg non-stop
Voor Monique stopt de zorg nooit. “Op momenten dat Guido minder mobiel was, waren er nachten dat ik hem op mijn rug naar toilet droeg. Soms viel hij ook. Ik had ooit op tv gezien hoe een politieagent iemand van de grond tilde met een bepaald manoeuvre. Zo kreeg ik Guido ook terug recht. Die minder mobiele tijd is nu gelukkig voorbij.” Monique zorgt ook voor de thuisverpleegkundigen. “Ik laat Guido ’s morgens zelf z’n sandwiches smeren. Terwijl hij daarmee bezig is, maak ik alles klaar voor Katrien en haar collega’s die kort nadien komen.”
Kleine gelukjes
Ontspanning is voor Monique relatief. Toch haalt ze kracht uit kleine momenten. “Guido is altijd vroeg wakker. Daardoor slaapt hij ook even in de voormiddag. Dan doe ik het huishouden en onderhoud ik de tuin. Dat is mijn uitlaatklep. Als hij wakker is, zorg ik voor hem, maar ook tijdens zijn dutje in de namiddag profiteer ik ervan om in en om het huis te werken. Naar de markt gaan is altijd in de rapte, omdat ik snel thuis wil zijn. Ik kan echt genieten van simpele dingen, zoals eens gaan eten met de familie, zolang Guido maar bij mij is. Het enige dat ik echt nog eens wil doen, is parachutespringen.” En dan komt Guido opeens tussen het gesprek: “Met één ding heb ik geluk, en dat is dat Monique altijd gelijk heeft.” Het brengt ons allemaal aan het lachen. Leven met dementie vraagt veel, elke dag opnieuw. Voor Guido en Monique is thuis blijven wonen geen evidentie, toch blijven ze er samen voor gaan. De mantelzorger die dag en nacht zorgt, en de thuisverpleging die mee draagt, mee kijkt en mee denkt. Samen schrijven ze een verhaal over zorg die niet alleen technisch, maar vooral menselijk is.
Dit artikel verscheen eerder in editie juni 2026 van Overal Thuis, het ledenblad van NPTV.